Piperonyl-butoxide (PBO)

Click voor het Engelse iets uitgebreidere document HIER


Algemeen

Piperonyl Butoxide wordt gebruikt om de werking van bijvoorbeeld insecticiden zoals pyrethrinen (bioallethrine), pyrethroids (permetrine), rotenone and carbamaten te versterken. Dit doordat het P450 mono-oxygenases (algemeen ontgiftingsenzym) remt (Ninsin KD et al 2005).
Piperonyl butoxide wordt ook als voedingsadditief!!! gebruikt (Suzuki H. 1995).

Vergiftigingsverschijnselen bij inslikken zijn: misselijkheid, krampen, overgeven, en diaree (Prentiss, Inc. 1998). Vergiftigings verschijnselen bij inademen zijn: tranen van de ogen, kwijlen, moeilijk ademhalen (WHO and FAO Evaluations 1995 Pp. 282). Ook kan longemfyseem optreden (Bateman, D.N 2000) en tijdelijke oog en huidirritatie (Prentiss, Inc. 1998).

Chemie

Piperonyl-butoxide PBO werd in 1947 ontwikkeld uit safrole (Tozzi A. 1998, Knowles C. O. 1991).

Safrole
Safrole zit onder andere in nootmuskaat, foelie, kaneel, anijs, zwarte peper en basilicum en het is ook aanwezig in cola (Council of Europe, 1997)! De PBO uit Europa bevat meestal ook safrole (Schreiber-Deturmeny, E.M et al 1993).

In 1997 bestempelde het Committee of Experts on Flavouring Substances (CEFS) van the Council of Europe, safrole als volgt: “Safrole is a weak hepatocarcinogen in experimental animal studies but is also a genotoxic and a transplacental carcinogen. Efforts should be made to reduce its consumption by foods and beverages as far as possible”.

Het National Toxicology Program classificeert safrole als: “reasonably anticipated to be a human carcinogen.” (U.S. Department of Health and Human Services, 9th report on carcinogens 2001). Safrole veroorzaakt bijvoorbeeld in vitro ‘sister chromatid exchanges’ (Tayama, S. 1996).

Onderzoek

DNA schade

PBO veroorzaakte gen-mutaties (Suzuki H et al 1995) en ‘sister chromatid exchanges’ in vitro bij cellen van hamster ovaria (Tayama, S. 1996).

Kanker

Niet alle onderzoeken konden in 1995 kanker aantonen (WHO and FAO Evaluations 1995 pp 288-293) toch is het niet verstandig ervan uit te gaan dat PBO geen kwaad kan… .

De EPA heeft sinds 1995 (U.S. EPA 1995) piperonyl butoxide geclassificeerd als carcinogeen groep C (mogelijk carcinogeen voor mensen). Blootstelling aan PBO kan ook de kans op lymfe en thyroid tumoren verhogen (WHO and FAO Evaluations 1995 Pp. 291).
In ieder geval kan PBO een levercarcinogeen genoemd worden (U.S. EPA. Office of Prevention, Pesticides and Toxic Substances. (1995), zie ook beneden aangehaalde referenties).

PBO kan de kanker verwekkende eigenschappen van andere stoffen synergetisch versterken. Zoals bij freon (Epstein SS et al 1967) en het levercarcinogeen N-hydroxy-2-acetylaminofluorene (Fujii, K et al 1979).

Voortplanting

Ratten die twee jaar lang PBO te eten kregen hadden een geatrofieerde testis (U.S. EPA. 1988. R12-13) met minder seminale vesicels (Breathnach, R. 1998).

Gaf men zwangere muizen op de 9de dag van de zwangerschap PBO, dan wogen de nakomelingen minder, werden er meer doodgeboren en waren er meer met misvormde of missende vingers (Tanaka T et al 1994).
PBO veroorzaakt zeer waarschijnlijk ook botafwijkingen.

De nakomelingen van muizen die voor, gedurende en na de zwangerschap PBO aten wogen niet alleen minder (gold voor alle geteste doseringen), ook konden deze nakomelingen minder goed hun eigen hol aan de hand van geur herkennen (Tanaka T 1992; Tanaka T 2003). Het effect werkte tot en met de 3de generatie door (Tanaka T et al 1992).

Gedrag, hersenen

Zie ook het item 'Voortplanting'.
PBO maakt muizen minder mobiel en verlaagt de onderzoeksdrang (Tanaka, T 1993).
PBO verlaagt de activiteit van cholinesterase (Ware, G.W 2000); Bovendien werkt het als synergist van anderen neuro toxinen zoals bijvoorbeeld methylmercury (Friedman, M.A et al 1978), bioalletrine en permetrine. Grosman N et al toonden in 2005 aan dat PBO de ATPase activiteit van synaptosoom membranen (van de zenuwen) remt, terwijl S-bioalletrine (esbiol) de remmende werking versterkte.

Immuun systeem

Al in 1979 (Lee T -P et al) werd aan getoond dat PBO de functie van menselijke leukocyten remt.
Mitsumori K et al denken in 1996 nog dat de lymfo-hematopatische veranderingen te wijten zijn aan een voedingstekort, aangezien ondervoede ratten dezelfde symptomen vertonen. Maar in 1999 vinden Diel et al dat PBO in vitro de proliferatie van menselijke T lymphocyten remt; Samen met s-bioalletrine is het effect zelfs synergetisch.
Grosman N et al toonden in 2005 aan dat PBO de ATPase activiteit van leukocyt membranen meer remt dan die van de synaptosomen (van de zenuwen). Samen met s-bioalletrine (esbiol) was het effect ook weer synergetisch.

Organen

Als PBO wordt ingeademd beschadigt het de larynx, de epitheelcellen degenereren (U.S. EPA 1994).

Er zijn heel veel studies die bij muizen en ratten de aantasting van de lever Door PBO aantonen (o.a. Fujitani, T et al 1993). Dit zelfs al na een week blootgesteld te zijn aan PBO (Fujitani T, et al 1993).
Ook bij honden is leverschade aan getoond en een verhoging van de cholesterol spiegel (WHO and FAO 1996 p. 287-288).
Ratten die langere tijd bloot hadden gestaan aan PBO hadden hogere cholesterol spiegels (U.S. EPA. 1988 Reg. No.: 4816- 72) soms het dubbele van de normale waarde (Fujitani T et al 1992).

Op cellulair niveau werd een heel scala van celdegeneraties zichtbaar. Zoals celnecroses, vacuoles in hepatocyten (Fujitani T, et al 1993). En uiteindelijk, is voor ratten en muizen aangetoond dat PBO leverkanker induceert (Friedman MA. 1979, Takahashi O et al 1994, nog eens Takahashi O et al 1994, Takahashi O et al 1997, Okamiya H et al 1998, Muguruma M, et al 2007). Dit door oxidative stress, het vormen van ROS (Reactive oxygen species) producten en DNA schade (Muguruma M, et al 2006, Muguruma M, et al 2007).

Fujitani T et al (1993) kwamen ook hyperplasie van cellen in de galbuis tegen

Langdurige toediening van of PBO veroorzaakt anemie in ratten (Takahashi O et al feb. 1994), bloedingen in de maag en darmen, trombocytemie en leacies in de long alveoli (Takahashi O et al 1994).

PBO veroorzaakt beschadiging van de nieren bij muizen (Fujitani, T et al 1993), bij ratten (Takahashi O et al 1994): atrofie van het epiteel van de tubulie (Fujitani T et al 1992, 1993).

Hormonen en klieren

Aangezien PBO de werking van P450 enzymen remt, deze enzymen ook de steroiden (waartoe ook de geslachtshormonen horen) en vitamines, (Hodgson, E et al 1998) is het niet verwonderlijk dat langdurige blootstelling aan PBO bij ratten schildklieren vergroot, bijnieren vergroot en pituitary glands (pijnappel klieren) verkleint (WHO and FAO Evaluations 1995 pp 290-291).


Geraadpleegde bronnen Piperonyl-butoxide

Zie: Geraadpleegde literatuur.
Zie: Geraadpleegde internet bronnen.






Naar de site map

Laatste update: 6 juni 2009
Disclaimer en ©Copyright Stichting Adamanthea